28 december 2015
Frank heeft ook een zonder-geld-grap uitgehaald, net als ik vanuit de wens om iets te ontdekken.
Frank werkt als shiatsu-therapeut en geeft net als ik les in Qigong. Beide doet hij vanuit een holistische blik, wat voor hem het volgende betekent: alles is met elkaar verbonden en een deel heelt niet zonder het geheel. Met andere woorden: Frank kijkt naar de hele mens. Voor Frank begint gezondheid bij ont-spannen. Alleen dan krijgt het zelfhelende vermogen van het lichaam de kans om zijn werk te doen. Frank helpt mensen dus eigenlijk om te ontspannen.
Op het gebied van geld is Frank behoorlijk ontspannen. Geworden. Want hij was boos en verdrietig. Hij zag namelijk hoe mensen die zorg het meest nodig hebben, vaak nauwelijks de zorg krijgen (lees: kunnen betalen) die ze nodig hebben. Hij voelde dat hij daar iets mee te doen had, maar hij wist niet wat.
Toen las hij een zin van iemand die de beroemde Camino de Santiago pelgrimstocht had gelopen. ‘Wat zou het fijn zijn, als iedereen met elkaar zou omgaan zoals we tijdens deze tocht met elkaar omgingen.’
De zin raakte Frank in zijn verlangen om terug te keren naar de essentie van het mens zijn. Kort daarna stapte hij op de fiets richting het Spaanse Santiago de Compostela, zonder geld en met een vraag: ‘Hoe kan ik helpen?’
Clichés zijn clichés omdat ze meestal waar zijn: Franks tocht werd een levensveranderende ervaring en weer in Nederland besloot hij om mensen te helpen, punt. De rol die hij geld daarin nu geeft? ‘Dat is een blijvend en spelend onderzoek’, vertelde hij me tijdens onze eerste ontmoeting.
Ik zag geen boze of verdrietige man, maar een opgewekt, verwonderd en levenslustig mens.
‘Dat heb ik mede aan mijn reis te danken’, verzekerde hij me.
Nu spannend ineens nog spannender wordt, is Frank de persoon die ik wil bellen met een meekijkvraag. Hij neemt op en ik leg uit: ‘Vanaf 1 januari sta ik te boek als emigrant en vervalt mijn zorgverzekeringsplicht. Ik weet even niet wat ik daarmee wil doen. Zonder verzekering de wereld in stappen, voelt leuk spannend, maar ook wel erg spannend. Ik kan mezelf dus opnieuw ergens in Nederland inschrijven om zorgtoeslag te ontvangen. Omdat ik geen financieel inkomen zal hebben, zal die toeslag ongeveer even hoog zijn als de kosten van een basisverzekering. Boekhoudkundig hartstikke creatief, vind ik, maar naast dat ik er een slappe piemel van krijg, voelt het verkeerd.
‘Een andere mogelijkheid is dat ik mijn uitschrijving ongemoeid laat, mijn zorgverzekering behoud en vertrouw op de mensen die ik onderweg tegenkom. Ik kan vast iemand helpen in ruil voor een maandje zorgverzekering of meer. Maar dat voelt nóg minder romantisch. Heb jij misschien een idee? Of een gedachte?’
—‘Jeetje Mundo, wat leuk dat ik met je mee mag denken.’
Frank wacht op zijn antwoord en ik wacht mee. Het wachten duurt even, want Frank heeft geen haast en hij vindt stil zijn best gemakkelijk.
‘Er komen twee dingen bij me op’, zegt hij dan. ‘Toen ik van een eerdere reis terugkwam, had ik geen geld, dus ook niet voor een zorgverzekering. Ik heb het toen een tijdje zonder gedaan. Daarvoor reed ik een tijd zonder zorgverzekering met een busje door Spanje. In het begin vond ik dat spannend, maar ik merkte ook dat het me bewuster en alerter maakte. Alsof ik het leven meer kon ervaren. Zonder het institutionele vangnet van die verzekering had ik alleen nog maar vertrouwen. Als ik zou vallen, en misschien wel héél erg zou vallen, zou ik hulp krijgen.’
Weer een stilte.
‘Ik geloof dat zekerheid fijn kan zijn, maar deze ervaring hielp mij om zekerheid te vinden in onzekerheid. En om te vertrouwen in mijn medemens.’
Weer een stilte.
‘Ik weet nog dat ik vlak voor mijn vertrek naar Spanje bij de tandarts langsging. Die zei: “Frank, je hebt een behoorlijk gat in je kies. We kunnen ‘m het beste trekken, dan weet je zeker dat je er straks geen last van krijgt.” Ik liet de kies zitten.
‘Vorig jaar, vijftien jaar na die afspraak, ging ik voor het eerst weer naar de tandarts, dezelfde als toen. Deze keer hoorde ik: “Frank, wat is er gebeurd? Wat een ontzettend sterk gebit!”
‘Tot zestien jaar geleden was er altijd iets met mijn tanden. Elk jaar was het boren of opvullen. Tot ik niks meer liet doen. Toen was er niets meer met mijn tanden. Dat zegt me wel iets over de kracht van loslaten.’
Nu is het mijn beurt om stil te blijven.
Mijn vraag is beantwoord, meer dan.
Maatschappij-technisch gezien zal het ontzettend dom zijn wat ik ga doen, maar de gloeilamp in mijn borst heeft het al besloten: ik ga mezelf niet verzekeren tegen een gebrek aan vertrouwen. En daarnaast: als ik in dit experiment ga valsspelen zodra het spannend wordt, kom ik nooit op onbekend terrein en kan ik net zo goed stoppen voordat ik begin.
Dank je wel Frank.

