Nog geen zonsopgang later
Het is donker en ik ben klaarwakker. Ik lig in de kamer die papa voor me heeft vrijgemaakt. Mijn bed staat aan een raam op de elfde verdieping van een appartementencomplex aan de rand van de binnenstad. Liggend doe ik het gordijn open. Het uitzicht over Amsterdam is fenomenaal. Uit een paar ramen zie ik licht schijnen. Het moet vroeg zijn.
Ik heb intens gedroomd, maar weet niet meer waarover. Na mijn inquiry met Tom kwam de stennis in mijn hoofd volmondig terug. Sindsdien gaat en gaat en gaat hij maar door met wikken, wegen, toeteren, bellen, wat nu en hóe dan?!
Ik kijk naar het plafond. Ineens houdt de stennis halt en hoor ik een zachte stem.






Er gaat iets compleet geflipts en hartstikke logisch door me heen. Ik sta op en heb geen idee wat ik vandaag ga doen, maar dat maakt niet uit want zonder geld…
Tegen het vallen van een nieuwe avond snap ik waarom. Zonder geld doe ik niet meer wat ik hier nu doe. Zonder geld geef ik geen wekelijkse Qigong-lessen, organiseer ik geen maandelijkse bijeenkomsten en vermoei ik mezelf niet met bedenken hoeveel nieuwe Qigong-weekenden en bergreizen ik ga plannen. Zonder geld doe ik niets van alles dat ik vind dat ik nu kan en moet doen, om financiële ruimte te maken, om straks de stap te kunnen nemen die ik nu wil nemen. De ruimte voor die stap is er.
En zonder geld kan geld in ieder geval niet het probleem zijn.
Tjeemig wat leuk.
Tjeemig wat draait mijn maag zich om.

