Hoofdstuk 5. Zonder geld

Beeld van een vogel door een verrekijker, met aan zijn poot een ketting.
22 juni 2016

Vrienden vroegen me of ik twee weken op hun huis en hond wilde passen. Dat wilde ik. Graag zelfs. Ik had zin om wat dagen schrijvend door te brengen. Om dit opeens in een eigen huis te kunnen doen, in een rustige straat in het centrum van Haarlem… wat een cadeau.

Mijn dankbaarheid was die van Gertjan, Estelle en baby Antonie. Ze hadden geen logeeradres gevonden voor hond Siem, dus met mijn komst hoefde Siem niet naar de kennel.

Toen Gertjan de deur opendeed, sprong Siem tegen me op alsof hij me eeuwen had gemist. Binnen wachtte me een tweede verrassing: een uitpuilende koel- en voorraadkast. 

‘Hou je alsjeblieft niet in’, zei Gertjan. ‘We zijn onwijs blij dat je er bent en dit voelt als het minste dat we voor je kunnen doen.’

Dat was een paar dagen geleden. Sindsdien wanen Siem en ik ons koning te rijk en gaat er iets door me heen. Als ik minder eet dan slecht voor me is, heb ik genoeg voor de tijd dat Siem op me past. Maar hoe leuk om mijn vrienden straks met een even volle en verse voorraad terug te verwelkomen?
—Ja, maar dat hoeft niet, weet je nog?
Ja, maar het lijkt me wel heel leuk.
—Ja, maar mag je niet ook gewoon ontvangen?
Ja, maar…

Ja wint het van ja, maar. Ik voel enthousiasme bij het idee en dat is genoeg reden. Blijft alleen nog de vraag: hoe? Meteen ploppen er ideeën op, maar die voelen geen van allen levendig, dus laat ik wachten in plaats van bedenken. Nu eerst de deur opendoen voor Rob, want die komt vandaag langs voor een gezamenlijke schrijfdag.

Rob en ik schrijven, worden uitgelaten door Siem, lunchen thuis en schrijven verder. Dan zegt Rob: ‘Ik heb zin om ons te trakteren op een kop koffie ergens.’

Weer leidt Siem ons door een stad die Rob en ik nauwelijks kennen. Het is zonnig, warm en eigenlijk hebben we meer zin in een biertje. Ik vraag Siem om ons naar Native te brengen, een net geopend café waar hij en ik al een paar keer zijn langsgelopen, dat volgens mij niet zomaar een tentje is.

Bij binnenkomst blijkt Native niet zomaar een tentje te zijn. Ons bier komt in handgeblazen glazen en we mogen naar hartenlust tappen uit grote waterkannen vol met verse munt, frambozen en citroen. Bladerend door de menukaart, vinden Rob en ik bij elk product een achtergrondverhaal: waar het vandaan komt, door wie het gemaakt is en waarom Native het aanbiedt.

‘Gefeliciteerd met jullie mooie zaak’, zeg ik tegen de vrouwen achter de bar. ‘Wat hebben jullie alles prachtig aandachtig verzorgd.’

De vrouwen ontvangen mijn compliment met een glimlach en stellen zich voor als Myriam en Maria, compagnons in het avontuur dat Native heet.

Rob, Siem en ik vinden een plek op het terras. Terwijl we genieten van onze eerste goudgele slok, voel ik een impuls.

‘Ik ben zo terug Rob.’

‘Ik heb een vraag,’ zeg ik binnen. ‘Ik pas hier vlakbij op het huis en de hond van vrienden die op vakantie zijn. Daarnaast ben ik bezig met een experiment: leven, reizen en werken zonder geld. Nu wil ik mijn vrienden straks graag terug verwelkomen met een gevulde koelkast. Wat jullie hier doen, voelt heel goed en ik vraag me ineens af: kan ik die koelkast vullen door jullie te komen helpen?’

Vier grote ogen kijken me aan en twee monden barsten in lachen uit.

‘Goh, zonder geld…’ zegt Myriam. ‘Ja, wat een leuk idee… Ik vraag me alleen meteen af of je ons in zo’n korte tijd niet meer werk gaat bezorgen dan uit handen gaat nemen.’

—‘Snap ik, maaaaar…’ zeg ik met een opgestoken vinger, ‘ik heb bereveel ervaring en kan ook heel goed afwassen, wc’s schoonmaken en ramen zemen. Voor dat soort dingen hoef ik volgens mij niet op bijspijker-cursus.’ Ter ondersteuning doe ik een kleine presentatiedans. Weer gelach.

‘Oké,’ zegt Maria, ‘weet je wat? Wat een leuke vraag. We gaan er over nadenken. Geef je ons je nummer?’

Ik geef mijn nummer. ‘Je kunt me niet bellen of sms’en,’ vertel ik erbij, ‘want ik heb geen abonnement meer. Ik ben wel bereikbaar via WhatsApp wanneer ik in de buurt van Wifi ben.’

Weer buiten word ik aangekeken door een grijnzende Rob. Hij heeft niets gehoord, maar weet precies wat ik net heb gedaan.

’s Avonds, thuis en in de buurt van Wifi, krijg ik bericht. ‘Hi, hier Maria van Native. Wat leuk dat je zo enthousiast binnenkwam vandaag! We hebben je aanbod even laten bezinken. In een rustigere week zouden we het heel erg leuk vinden om iets van een ruilactie met je te doen.’

Verder lezend, begrijp ik dat Myriam en Maria nu teveel op hun bord hebben om me erbij te nemen, maar dat ze graag helpen en gaan nadenken over opties.

Ik voel warmte. Wat leuk en attent dit. 

Als vanzelf begin ik over opties na te denken. Ik zie mezelf vakken vullen bij de biowinkel om de hoek, denk aan de schilder- en kluswerken die ik de afgelopen weken heb gedaan en krijg ineens een grappig inzicht. Afgelopen december stuurde ik Ted vrolijk een filmpje met daarin onder andere de boodschap: ‘Ik neem mee op reis wat ik heb te geven.’ Sindsdien ben ik vooral klusmatig aan het invullen wat anderen misschien nodig hebben. Daar is niks mis mee, ik heb er plezier in en het is trouwens niet waar. Ik schrijf, heb een paar korte films gemaakt en blog over mijn ervaringen. Ik geef dus wel degelijk wat ik te geven heb. Waarom dat niet ook doen voor een gevulde koelkast?

Het borrelt ideeën en die gaan allemaal mee de nacht in. De volgende ochtend zet ik een foto op Facebook van Rob en mij, ieder met een glas bier in de hand. Onder de foto schrijf ik over dit oppashuis, de keuken die ik graag gevuld wil achterlaten, geven wat ik te geven heb en een vraag die ik wil stellen: ‘Kan ik jou voor een tas bioboodschappen blij maken met één van de volgende dingen?

Een driegangen, vijfsterren diner voor maximaal vier mensen, uit handen van culinair wonder Raymundeau Resinque, in een karakteristieke Haarlemse binnentuin, voor de gelegenheid omgetoverd tot huiskamerrestaurant.

Een heisessie in de Kennemerduinen voor maximaal één persoon, met aandacht voor werk- en/of levensvragen.

Een Qigong-les voor maximaal ik-weet-niet-hoeveel personen. Ik heb het lesgeven even losgelaten, maar vind het leuk om bij hoge uitzondering een uitzondering te maken.’

Minuten later is er een rits bemoedigende reacties. Uitgerekend Frank wil graag een Qigong-les. ‘Maar dat eten en die heisessie zijn ook een heel goed idee’, vult hij aan. ‘Is een combinatie mogelijk?’

Welnu Frank, laat ik eens kijken: een middag en avond met één van mijn beste vrienden én met drie voedende bezigheden?


Geïnspireerd?

Miracle Project logo off-white 1Mb

Help anderen dit boek te vinden door deze website te delen

en/of steun onze missie: